Cichlidenkwekers

Voor de Aquarium liefhebbers en hobbykwekers van Cichliden.

Pseudocrenilabrus nicholsi

Herkomst:
Zuidelijk Kongogebied, Zaire, van de Upembameren tot Ankoro.

Uiterlijk:
Lengte 7 cm.
Het is een mooie kleurrijke vis, de kop is geelgroen en over hun lichaam hebben ze blauwe en rode spikkels.
De mannetjes hebben meer kleur en zijn iets groter dan de vrouwtjes.
Een vergelijkbare soort is de P. multicolor.

Pseudocrenilabrus nicholsi man
nichlosi man
Pseudocrenilabrus nicholsi vrouw
nicholsi vrouw



Inrichting:
Voor deze vissen is een aquarium nodig van minimaal 80 centimeter.
De bak inrichten met harde planten, stenen en kienhout zodat er voldoende schuilplaatsen en holen ontstaan.
De bodem mag bestaan uit zand of fijn rond grind, geen scherp grind anders kunnen ze zich verwonden.
Deze soort woelt namelijk graag in de bodem, vooral in de paartijd, het is daarom ook aan te raden de planten in een bloempotje in de bodem stevig te verankeren.
Zorg ook voor genoeg vrije zwemruimte.
Regelmatig water verversen.

Water:
Temperatuur: 23-26 graden.
PH: 6.5-7,5
GH: 8-12

Voeding:
Als voedsel moet voornamelijk levend voer gegeven worden zoals artemia, muggelarven, watervlooien, mysis, krill, garnalen en wormen.
Aanvullen met droogvoer.

Karakter:
Het is een vrij agressieve vis tegenover soortgenoten en andere medebewoners.
Het beste kan er 1 mannetje met meerdere vrouwtjes samengehouden worden.
Ze zwemmen in de onderste en middelste waterlagen.

Kweek:
De kweek is vrij eenvoudig, er worden tot zo’n 70 eitjes in een kuiltje afgezet en bevrucht.
Het vrouwtje neemt daarna de eitjes in de bek.
Na ongeveer 15 a 20 dagen worden de jongen losgelaten, ze kunnen opgekweekt worden met artemia-nauplien of fijngewreven droogvoer.

Auteur: www.parelsuitmalawi.nl
Afbeeldingen: www.african-cichlid.com

 
Reacties

Nog geen reacties beschikbaar.

Plaats een reactie