Cichlidenkwekers

Voor de Aquarium liefhebbers en hobbykwekers van Cichliden.

Abactochromis labrosus

Herkomst:
Gehele Malawimeer.

Synoniem:
Abactochromis labrosus, Cyrtocara labrosa, Haplochromis labrosus

Uiterlijk:
Mannetjes van dit soort worden circa 12, waarbij de vrouwtjes kleiner blijven circa 8 a 10cm.
Deze cichliden wordt herkend door zijn vorse rubberige lippen.
In de broedperiode “kunnen” mannetjes meer kleur vertonen als vrouwtjes die normaal bruin van kleur zijn.

labrosus



Inrichting:
Deze vissen hebben een minimale bakmaat nodig van 1.50cm.
Zorg voor genoeg schuilgelegenheden door middel van rotsen, maar een zand bodem is ook nodig.
In het meer vind je deze cichlide langs de overgangszones (van rotsen naar zand) in redelijk ondiep water.

Karakter:
Tegenover soortgenoten kunnen ze redelijk onverdraagzaam zijn.
Abactochromis labrosus is een soort die je het beste met meerdere vrouwen kunt houden.
Het is een soort dat niet in grote aantallen voorkomt.

Voedsel:
In het meer voeden ze zich voornamelijk met kleine kreeftjes en visjes.
Als aquarium bewoner zijn het gemakkelijke eters, z nemen namelijk alles wat maar wordt aangeboden, bijvoorbeeld artemia, mysis, garnalenmix, en droogvoer.

Aanvulling:
Abactochromis labrosus was voorheen bekend als de Melanochromis labrosus.

Ad konings zegt hier over:

Was het een Melanochromis?
Enkele morfologische details zeiden ja, maar kleurpatroon zeiden nee.
Was het zelfs een mbuna, of moet het worden beschouwd als een “hap”?
Geen enkele andere mbuna heeft hypertrofisch (over-ontwikkelde en “rubberachtig”) lippen, geen enkele andere mbuna is zo’n saaie kleur.

Meer info: practicalfishkeeping

 
Reacties

Nog geen reacties beschikbaar.

Plaats een reactie