Cichlidenkwekers

Voor de Aquarium liefhebbers en hobbykwekers van Cichliden.

Geophagus parnaibae

Herkomst:
Afkomstig uit het stroomgebied van de río Parnaíba.
Deze rivier is gelegen in noordwestelijk Brazilië, in de staat Maranhao en voor zover thans bekend komt deze cichlide nergens anders voor.
Volgens de beschrijving van deze soort leeft het in kleinere zijrivieren met substraten van zand waarin de stroming sterk kan zijn in het regenseizoen.
Tijdens het droge seizoen kan het ook bijna een stilstaande water en poelen worden.
Ze komen ook met een aantal andere soorten voor, waaronder Crenicichla menezesi, Apistogramma piauiensis, Hoplias malabaricus, Micropoecilia branneri, Aspidoras raimundi, Otocinclus hasemani plus een niet nader Pimelodus sp. en diverse onbeschreven Karperzalmen.

Uiterlijk:
De Man wordt circa 15 cm, Vrouw ? cm.
Volwassen mannetjes zijn groter en hebben meer ongepaarde vinnen lobben dan vrouwen, en seksueel volwassen exemplaren ontwikkelen van een nuchal bult die zeer kan worden uitgesproken bij sommige personen.
Volwassen exemplaren hebben een metallic groene tot goudkleurige grondkleur. Het voorhoofd en de nek zijn donkergrijs. De borst en de buik zijn grijsachtig wit en de onderste helft van de kop is veelal voorzien van blauwachtige vlekjes. De schubben op de flanken hebben een oranje vlekje en door de opeenvolging daarvan ontstaan er ongeveer tien horizontale strepen. De rug- de aars- en de staartvin hebben een streeptekening en daarin wisselen bordeaux-rood en wit elkaar af. Midden op de flanken ligt een grote, opvallende, donkerbruin of zwart gekleurde vlek.
G. parnaibae G. parnaibae groep



Sociaal gedrag:
Rustig.

Inrichting:
Een aquarium van minimaal 180 cm is zeker aanbevolen.
Maak gebruik van filterzand zo dat ze hun natuurlijke eetgedrag kunnen behouden.
Richt de bak in met wat maaskeien, kienhout en wat planten maar hou wel bodem ruimte over voor het zoeken naar voedsel.
En maak wat schuil mogelijk heden.

Waterwaarden:
Temperatuur: 26 – 31 graden.
pH: 6.5 – 7.6
Hardheid: 2-10

Voeding:
Als voedsel moet overwegend levend voer worden gegeven.
Diepries- en droogvoer wordt ook geaccepteerd.

Kweek:
Geophagus parnaibae maakt deel uit van het G. surinamensis-complex en gaat door het leven als een primitieve, larvofiele muilbroeder.
De eieren en de larven worden door beide ouderdieren verzorgd, maar die gaan pas tot muilbroeden over nadat de eieren zijn uitgekomen.
Er is geen externe verschillen waargenomen, behalve tijdens de paaitijd wanneer de legbuis van het vrouwtje zichtbaar is.

 
Reacties

Nog geen reacties beschikbaar.

Plaats een reactie