Cichlidenkwekers

Voor de Aquarium liefhebbers en hobbykwekers van Cichliden.

Loricariidae – Harnasmeervallen

loricariidaeLoricariidae behoren tot de orde der meervallen (Siluriformes).
Er zijn meer dan 700 soorten bekend, en tot op de dag van vandaag worden er nog steeds nieuwe soorten ontdekt.
Door de achterstand in onderzoek naar de vissen, hebben wetenschappers bedacht om de vissen hun eigen nummer te geven, bijvoorbeeld L262. de L staat dan voor Loricariidae, het nummer zegt niets over de vis, alleen iets over de volgorde waarin de soorten zijn ontdekt.

De bedoeling is dat op den duur alle L-nummers worden vervangen voor wetenschappelijke namen.
Dit is een zeer tijdrovend proces en zal naar schatting nog vele jaren duren.

Deze vissen komen allemaal uit Zuid-Amerika, waar zij in de Amazone en haar vele zijrivieren hun oorsprong vinden.
De Amazone is de grootste rivier van de wereld en zoals je misschien wel verwacht bestaan er zeer grote verschillen binnen deze rivier en haar zijstromen, zowel op het gebied van hoogteligging, temperatuur en ook waterwaardes.
Dit zie je ook terug in de grote verscheidenheid aan soorten en de enorme uiterlijke verschillen die in de familie der Loricariidae terug te vinden zijn.
Het gebied van afkomst van jou (toekomstige) vis bepaald dus al voor een groot deel de opzet en inrichting van je aquarium, en is dus belangrijk om goed te onthouden.
De eisen die de vis stelt aan de waterkwaliteit en zijn omgeving zijn dus aanknopingspunten voor ons aquarianen om het de vis zo veel mogelijk naar de zin te maken.
Het creëren van een natuurgetrouwe situatie, voor zover dat mogelijk is in een aquarium, moet naar mijn mening een doelstelling zijn van iedere aquariaan, omdat hierdoor de vis zijn natuurlijke gedrag zal laten zien, iets wat wij natuurlijk zo goed als mogelijk willen stimuleren!

Wat kunnen we in het algemeen zeggen over L-nummers?

Alle Loricariidae hebben een sterke behoefte aan zuurstofrijk water.
Ook is het veilig om te zeggen dat haast al die soorten in meer of mindere mate van stroming houden.
L-nummers zijn het merendeel van de dag bezig met het zoeken naar eten.
Dit doen zij door middel van hun zuig mond (suckermouth catfish).
Daarmee raspen ze over hout, stenen of dode organismen.

Binnen de verscheidene soorten zijn deze zuigmondjes geëvolueerd op zo’n manier, dat die goed aansluit op het gebied waar de vissen leven en op het voedselpatroon van de vissen.
Zo hebben Panaque soorten een zeer sterke, uit scherpe ‘tandjes’ bestaande bek, omdat zij graag hout eten.
Andere soorten, zoals de welbekende Ancistrus missen die scherpe tandjes, daar zij geen hout eten, maar voornamelijk algen en micro-organismen tot zich nemen.

Niet alleen de vorm van de mond heeft zich aangepast aan de omgeving.
Het uiterlijk van de L-nummers vertelt ons meer over de leefomgeving van de vissen.
Zo zijn Chaetostoma soorten zeer plat van vorm, en hebben zij een zeer sterke zuig mond, waarmee zij meer dan hun eigen lichaamsgewicht op de plek kunnen houden.
Dit komt omdat deze soorten in snelstromende rivieren leven, waaraan zij zich door de jaren heen aangepast hebben.
Aan de andere kant kan je van vissen met een zeer hoge rugvin en een wat robuustere lichaamsbouw, zoals de Pterygoplichthys gibbiceps, zeggen dat deze vis in vrij langzaam stromende delen van de Amazone voorkomt.

Verder is het belangrijk voor ons om te weten dat Loricariidae veel organisch afval (uitwerpselen) produceren, en dus is een sterke filter zeker een vereiste.
De verlichting kan het beste gedimd worden door drijfplanten of overhangend hout, omdat deze vissen niet houden van een felle verlichting, zij zijn dit in hun natuurlijke habitat dan ook niet gewend.

 
Reacties

Nog geen reacties beschikbaar.

Plaats een reactie